Wat is eigenlijk nog 'normaal' in deze situatie?
Van een afstand zie ik de docent de studenten gedag zeggen. Zwaaiend naar het scherm sluit zij snel haar laptop en verzamelt alle boeken en papieren in haar trolley. Zij is niet klaar, maar schuift slechts enkele deuren op, waar een kleine groep op haar zit te wachten voor een fysieke les. De studenten zitten netjes op 1,5 meter afstand maar zijn druk. Zij missen hun klasgenoten na maanden thuis­onderwijs, maar kunnen nu in halve klassen weer enkele dagen echt naar school. Even blijven hangen en chillen is er nog niet bij. De school dient niet meer als thuisbasis waar je naar toe gaat om samen te zijn met je vrienden. De school is een plek waar de bewegingen worden beïnvloed door OV-quota, gefaseerde roosters, routing en ‘ik hou van 1,5m’-stickers. Je komt er om te leren, te verdiepen en verbinding te maken. Naast de inhoud van de lessen ligt de focus op socialisatie, coaching en binding met elkaar en de opleiding.
Het contact met studenten is hierdoor frequenter dan ooit. Daar waar eerst de mail het voornaamste communicatiemiddel was, worden docenten nu overladen met prikkels uit verschillende hoeken. Studenten en ook collega’s houden contact via app en chat, maar ook die oude vertrouwde mail blijft maar door­gaan. Berichten die je niet meer kunt uitstellen, maar binnenkomen op ieder moment van de dag. Het is een uitdaging om je een weg te banen door al deze informatie en selectief te zijn in dat wat nu moet en best later kan.

Risico’s en onzekerheden

Daar waar eerst angst was om weer op school te gaan werken is nu de rust teruggekeerd. Iedereen blijft op zijn en haar hoede, want span­nend blijft het wel. De onrust laait weer even op wanneer er nieuwe maatregelen komen in Flevoland. De gesprekken in de gangen en teamka­mers gaan weer even over de risico’s en onzekerheden. Maar het duurt niet lang of de rust keert langzaam weer terug. Want hoe fijn is het om er weer te kunnen zijn voor onze studenten en collega’s. Docenten zijn blij weer op school te zijn. Weer met studenten te kunnen praten. Hen in het gezicht aan te kunnen kijken en echt te kunnen zien hoe het met ze gaat.

Op school zijn betekent ook een duidelijkere scheiding tussen werk en privé. Maar die scheiding is relatief, want lesgeven vanaf de keukentafel komt nog steeds voor en is niet in alle thuissituaties optimaal. Lesgeven met op de achtergrond kleine kin­deren die bij een snotneus niet naar school mogen is een onmogelijke uitdaging. Maar iedereen gaat daad­krachtig ook die uitdaging aan. Nog nooit hadden wij zo weinig verzuim, wie ziek is doet er alles aan om de lessen toch online door te laten gaan. Corona of geen corona onze docen­ten zijn flexibeler en veerkrachtiger dan ooit. Wat voor de zomer een zware eindsprint leek te zijn, blijkt nu een marathon. En iedereen weet dat deze marathon nog lang niet gelopen is. Iedereen werkt hard voor de stu­denten en voelt zich verantwoordelijk. De zomervakantie was niet lang genoeg om de uitputtingsslag van het voorjaar te verwerken. We zijn uitgerust, maar niet echt opgeladen. Net als onze laptop moeten ook wij voortdurend een beetje bijladen, opladen voor de volgende dag vol met nieuwe uitdagingen.

Een worsteling

Net als voor de studenten is het voor ons zoeken. Wij worstelen met de situatie tussen online en fysieke activiteiten. We hebben vergaderin­gen waar we weer ons hand moeten opsteken als we een eigenzinnig idee in de groep willen gooien. Daar waar groepsdynamiek wordt afgevlakt en groepsdruk alleen nog duidelijk naar voren komt wanneer je online een beurt krijgt en niet hebt zitten oplet­ten. We werken hard aan de betrok­kenheid van ouders en studenten. Nooit eerder maakten we zoveel informatie filmpjes, nieuwsbrieven en organiseerden we digitale infor­matiebijeenkomsten. Het is nodig, want ouders maken zich zorgen. Over de kwaliteit van leren, over de moti­vatie en gemoedstoestand van hun kind. Een kind dat al niet veel buiten kwam en nu helemaal geen reden meer heeft om uit de pyjama te kruipen. Oprechte zorgen, want wat gebeurt er als de ouders naar hun werk gaan? Wat gebeurt er als hun kind straks 18 wordt en niets meer hoeft te delen? Die angst kennen de docenten maar al te goed, want ook zij zijn ouder van een kind uit diezelfde coronageneratie. Ook wij hebben niet altijd voldoende zicht op wat er gebeurd aan de andere kant van de glasvezel. Maar we blijven ons inzetten om activerend en kwalita­tief goed onderwijs te geven. Een luisterend oor te bieden en er voor de studenten te zijn ook wanneer de laatste les afgelopen is.

Daar waar de eerste weken de docenten vaak teleurgesteld een uur naar uitgeschakelde camera’s keken, wordt de interactie steeds actiever. Langzaam durven studenten zich kwetsbaarder op te stellen. Terwijl de ene student vanuit bed veilig alleen zijn voorhoofd laat zien, horen we bij de ander een klein zusje dat hard meezingt op de muziek van een bekende tekenfilm. We leren de familie leden van de één en de badkamer van de ander kennen. We zien hoe ongelofelijk onwerkbaar de leeromgeving van veel studenten is. Niet iedere student heeft de veilige, rustige omgeving die nodig is om echt te studeren. We ervaren ook dat studenten soms met wapperende haren op de scooter zitten op weg naar de bijbaan. Corona maakt dat bepaalde branches zo goed lopen, dat studenten voldoende kunnen bijver­dienen naast hun studie. Het leert de studenten omgaan met keuzes en brengt extra leermomenten met zich mee, want al snel bleek de scooter niet de ideale plek voor een monde­ling Engels.

Zoekend

Al zoekend naar deze nieuwe grenzen, leren we samen, met vallen en opstaan. Studenten zoeken naar wat het nieuwe normaal nou eigen­lijk is. Wat is eigenlijk nog ‘normaal’ in deze situatie? Docenten en studen­ten werken samen aan een manier om er het beste van te maken. Samen evalueren we, maken we nieuwe afspraken en gooien we soms zelfs hele processen om. Presentie registreren we op inspanning, want inloggen kan iedereen, maar werk afleveren en actief meedoen is wat we willen bereiken. We willen onze studenten klaarmaken voor een toekomst in deze gekke wereld. Dat doen we met veel toewijding maar levert bij ons ook vragen op.

Hoe houd je balans tussen werk en privé? Hoe houd je ruimte voor jezelf wanneer werk en privé geforceerd door elkaar heen gaan lopen? Hoe blijf je bestand tegen de overweldi­gende stroom aan berichten? Hoe ga je het logistieke gevecht tussen fysieke en online lessen aan?
Ik vind het mooi om te zien dat de druk die ervaren wordt steeds vaker op kwetsbare wijze wordt besproken. Ik ben trots op hoe de medewerkers van MBO College Poort omgaan met deze situatie en durven te zeggen wat ze bezig houdt. Wat ze zorgen geeft en angsten aanwakkert. Deze nieuwe realiteit neemt, maar brengt ook mooie dingen. Het creëert nieuwe kansen, andere gesprekken, een cultuurverandering en een groot gevoel van echt samen doen. Samen verantwoordelijk zijn, samen sterk met één hetzelfde doel. Doorgaan. Doorgaan met het geven van goed onderwijs. Voor onze studenten, voor de werknemers van de toekomst. Daadkrachtig, toegewijd en een tikje eigenzinnig.

De auteur is manager opleidingen cluster Creative Business, Retail & Entrepreneurship binnen team Business. MBO College Poort, ROC van Flevoland.
 
 

Ander nieuws

Nieuws MBO College Poort gaat samenwerken met sterrenhotels De opleiding Manager Ondernemer Horeca van MBO College Poort gaat ook dit jaar door met hybride leren in sterrenhotels. MBO College Poort
Nieuws Studenten MBO College Poort assisteren Sint in Aviodrome Het laatste weekend van november wordt Luchtvaartmuseum Aviodrome in Lelystad omgetoverd tot de thuisbasis van SintAirways. Kinderen kunnen helpen... MBO College Poort
Nieuws ROC van Amsterdam - Flevoland ondertekent intentieverklaring duurzame werkgelegenheid Vorige week hebben vijftien partijen, waaronder het ROC van Amsterdam - Flevoland, een handtekening gezet onder een intentieverklaring om...
Bekijk al het nieuws